Maar als zakenpartner.
Tom had ooit voor mijn vader gewerkt.
Mijn vader had hem vertrouwd.
Te veel, zo bleek.
Jaren voordat ik Tom ontmoette, had mijn vader ontdekt dat iemand geld uit zijn bedrijf had laten verdwijnen.
Hij had eerst gedacht dat het om een boekhoudkundige fout ging.
Maar toen hij de administratie verder onderzocht, ontdekte hij iets anders.
Een deel van het geld was overgemaakt naar een buitenlandse rekening.
En de naam die onder de documenten stond, was die van Tom.
Ik liet de brief bijna vallen.
Tom.
Mijn Tom.
Ik las verder.
Mijn vader had Tom geconfronteerd.
Tom had toen beweerd dat hij niets had gedaan.
Maar mijn vader geloofde hem niet.
Hij had besloten aangifte te doen.
Toen gebeurde er iets onverwachts.
Tom kwam bij hem terug met een voorstel.
Hij zou het geld terugbetalen.
Niet meteen.
Hij had tijd nodig.
Mijn vader stemde ermee in omdat hij hoopte dat Tom verantwoordelijkheid zou nemen.
Maar hij stelde één voorwaarde……………